Feit.

Waargebeurde verhalen uit mijn leven.

De Haagse hoer, in een hotelkamer, met een kandelaar

Posted on Wednesday, May 31st, 2017 | 0 comments

De Haagse hoer, in een hotelkamer, met een kandelaar

Het is laat als we de Russische stad Armavir binnenrijden. Fel verlichte eettentjes wisselen duistere steegjes af. Het is zaterdagavond, ook hier zijn de nodige schaars geklede dames op straat. Opvallend was de ‘Hookah Bar Amsterdam’. Hookah Bar? Hoeren in het Engels, met een Haags accent?

Uiteindelijk vinden we het hotel. Het is inmiddels 1 uur ‘s nachts als we ingecheckt zijn. Via een lange, rechte hal (met een hoog Scooby Doo-gehalte), bereiken we kamer 205. De pas blijkt niet te werken. Na een bezoek aan de receptie wordt de pas alsnog geactiveerd.

Het blijkt enorme kamer met een groot bed, mooie stoelen en… staat daar nou champagne? Classy statement van hotel Classic. We zetten de bagage op de grond en kijken rond. Dit alles voor 2500 roebels (€40)? Bij nadere inspectie blijkt de champagne al geopend. De ijsblokjes in de champagneschaal zijn gesmolten. Op het dressoir staat een cadeautas. Met een kerstprint. Dat is eigenaardig. Nog eigenaardiger is de inhoud. Een lege chipszak. De rest van de kamer is brandschoon. Er is verder niks te vinden dat erop wijst dat hier iemand anders verblijft.

De nieuwsgierigheid neemt bij mij de overhand en ik trek alle lades en kasten open. In de grote kast tref ik een schoudertas. Wat is dit? Er spookt vanalles door mijn hoofd. Zit er een afgehakte hand in? Of wapens? Zit ik tóch in mijn eigen Truman Show? Het mysterie groeit. Velma en Shaggy, jullie gaan naar de receptie om in gebroken Russisch om inlichtingen te vragen, dan blijven Daphne en ik hier twijfelen of we moeten kijken wat er in de tas zit. Plots wordt er op de deur geklopt.

De receptioniste. “Sorry, sorry, sorry! Foutje! Moest kamer 203 zijn.” Daarom werkte die pas dus niet. Ze had het verkeerde kamernummer genoteerd op het kaartje. Zou kamer 205 misschien een vaste kamer van een prostituee zijn? Zou die het bed hebben ondergeplast in opdracht van Donald Trump? Zou ze gelieerd zijn aan die Hookah Bar?

Hoe het precies zat met kamer 205, weet ik niet. Het enige mysterie dat ik heb opgelost is dat een Hookah Bar een ander woord voor een Shisha Bar is.

-->> Klik hier om verder te lezen <<---

Ode aan de herfst

Posted on Wednesday, September 23rd, 2015 | 0 comments

Ode aan de herfst

Al van kleins af aan is de herfst mijn lievelingsseizoen. De magie van het rode, knisperende tapijt van bladeren onder mijn regenlaarsjes. De spanning bij het zoeken naar kastanjes, eikels en dennenappels, gevolgd door het plezier van het knutselen met de gevonden schatten. Kastanjes werden met tandenstokers en wat hulp van de juf al gauw schattige egeltjes. Enkele jaren later was de herfstbetovering vooral aanwezig tijdens de wandelingen naar de gymzaal. Terwijl de rebellen van de klas hoopjes bladeren de lucht in trapten, zocht ik met mijn vriendinnetjes naar de beste helikoptertjes: de gevleugelde vruchten van de esdoorn. Ze konden in perfecte cirkelbewegingen naar de grond dwarrelen, maar ik herinner me dat we ze ook wel op onze neus plakten.

-->> Klik hier om verder te lezen <<---

Oude sok

Posted on Friday, September 18th, 2015 | 2 comments

Oude sok

Ik stopte voor het verkeerslicht naast een wat oudere man. Ik schatte hem op een jaar of zestig, bijna met pensioen. Op z’n bagagedrager had hij een wandelstok vastgebonden. De wandelstok had aan het uiteinde een leeuwenkop. Ik moest denken aan dokter House (uit de serie House MD), die had vlammen onderaan z’n wandelstok. Als ik een wandelstok had, dan had ik ook liever vlammen dan zo’n bekakte leeuwenkop. Ik nam de man op: kaki pak, hoed op, witte handschoentjes aan. Oud geld, concludeerde ik.

Hij keek mijn kant op, en nam mij ook op. Ik droeg een knalroze windjack, had een rugzak op m’n rug, roze oordopjes in m’n oren, en mijn spierwitte sneakers complimenteerden mijn spierwitte racefiets. Ik voelde me zelden zo anders dan de persoon naast me. Sterker nog: eventjes voelde ik me niet eens mezelf. Ik draag de helft van de tijd vrij schattige, truttige kleding. De andere helft van de tijd ga ik als Sportieve Shanna door het leven. Vandaag stond Sportieve Shanna naast Kouwe Kak Karel-Gerardus. Zo voelde het. Hij keek me een moment recht aan, voordat ik gegeneerd mijn hoofd weg draaide. Ik lijk wel zo’n hardcore dancefeest capusjonnie-en-anita. Wat moest hij wel niet van mij denken.

-->> Klik hier om verder te lezen <<---

Rupsje Nooitgenoeg

Posted on Thursday, November 8th, 2012 | 1 comment

Rupsje Nooitgenoeg

Als kind hield ik van lezen. Alles wat los en vast zat, werd gelezen (zolang er letters op stonden, uiteraard). Van tandpastatubes tot cornflakesdozen en van Rupsje Nooitgenoeg tot De Griezelbus. Mijn favoriete boek, het boek dat boven alle andere boeken uit stak, was de medische encyclopedie van mijn moeder. Ik vond het uitermate interessant, al die ziektes. Dat was geen literatuur voor de gemiddelde basisschoolleerling. Dat was ook waarom een van mijn werkstukken door een leraar met een dikke onvoldoende werd bekroond: ik had het onmogelijk zelf kunnen begrijpen. Dat was helemaal waar geweest als mijn ouders mij de Bobo hadden laten lezen, in plaats van encyclopedieën die ik van kaft tot kaft las.

Hoewel non-fictie mijn voorkeur genoot, las ik ook wel graag fictie. Op Je Kop In De Prullenbak, wat was dat een leuk boek. En Mathilda, ik weet nog dat we daar uit werden voorgelezen op basisschool tijdens de pauze. Terwijl de pakjes Wicky appelsap en Samsonkoekjes werden verorberd, luisterden we naar een van de mooie verhalen van Roald Dahl. De Grote Vriendelijke Reus was ook al zo’n geweldig boek. Ik kon eindeloos genieten van lezen en voorgelezen worden.

-->> Klik hier om verder te lezen <<---

Wow, stenen!

Posted on Monday, August 13th, 2012 | 0 comments

Wow, stenen!

Wow, stenen!

Dat was mijn eerste gedachte toen ik de eerste beelden van ruimteverkenner Curiosity zag. Wat had ik dan verwacht, was mijn tweede gedachte. Mijn tweede gedachte komt van mijn innerlijke commentator. De stem die zegt: “Gedraag je eens naar je leeftijd. Het zijn stenen, en dus?”

Ik denk dat ik niet de enige ben met zo’n nare innerlijk commentator. Zo’n – excusez le mot – azijnzeiker. Als mijn innerlijke commentator een persoon was dan was het Danny Nelissen. Iemand die bij voorbaat zuur doet en altijd kritisch is. Natuurlijk is dat ook de enige reden dat de innerlijke commentator niet allang is vergaan: hij is niet alleen kritisch op momenten waarop het niet nodig is, maar ook op momenten wanneer het wel nodig is. De innerlijke commentator is de stem die zegt: “Het lijkt me verstandiger dat je gewoon de deur uit gaat in plaats van je Spiderman te wanen en hier op twaalf hoog het raam uit te gaan.”

Toegegeven, zoiets is nuttig. Maar de innerlijke commentator ontneemt ook een hoop plezier. Zo heb ik lange tijd geen plezier beleefd aan schrijven. “Wie denk je wel niet dat je bent? Wie wil die stukjes van jou nou lezen?” en “Als je dit onzinnige stuk schrijft en publiceert, komen mensen er vanzelf wel achter dat je niet kan schrijven.” Ja, dat is zo, dacht ik dan weer. En dan ging het schriftje dicht nog voor ik ook maar een zin geschreven had.

-->> Klik hier om verder te lezen <<---